Stel je voor: je smartphone vertraagt, de batterij houdt nog maar een halve dag vol, maar het toestel zelf werkt prima. Je bent toch genoodzaakt naar de winkel te gaan voor een nieuw exemplaar, want de batterij eruit halen is een klus voor specialisten. Dat scenario verandert binnenkort radicaal. De Europese Unie heeft bepaald dat dit tijdperk voorbij is.
Samenvatting
- Elke smartphone moet straks een batterij hebben die je zelf in twee minuten kunt vervangen
- Fabrikanten zeggen dat dit dikke, minder waterdichte telefoons betekent — maar is dat echt waar?
- Miljarden consumenten kunnen straks honderden euro’s besparen, maar er zijn grote gaten in de wet
Een deadline die de markt omgooit
Vanaf 18 februari 2027 moeten nieuwe smartphones en tablets zo ontworpen zijn dat eindgebruikers de batterij zelf kunnen verwijderen en vervangen met standaard gereedschap. De wet heet officieel Verordening (EU) 2023/1542 en trad in augustus 2023 in werking, maar wordt gefaseerd ingevoerd. Wat je nu in de winkel ziet, valt er nog buiten. Wat je in het voorjaar van 2027 aanschaft, niet meer.
De kern van de regelgeving is krachtig: draagbare batterijen in apparaten moeten door de eindgebruiker zelf kunnen worden verwijderd en vervangen, wat betekent dat een smartphone niet langer enkel met gespecialiseerde hittepistolen geopend kan worden. Geen lijm, lassen of speciale gereedschappen meer; standaard schroeven of clips volstaan. En mocht een fabrikant toch speciaal gereedschap vereisen, dan moet dat bij aankoop gratis of tegen redelijke kosten worden meegeleverd.
Dit klinkt als een terugkeer naar de tijd van Nokia’s met verwisselbare achterkanten. Dat klinkt misschien als een stap terug naar vroeger, maar het doel is juist om smartphones duurzamer en gebruiksvriendelijker te maken. De EU mikt op iets groters dan nostalgie.
Wat verandert er voor jou als gebruiker?
De batterij is vaak het eerste onderdeel dat slijt. Nu veel mensen hun telefoon na twee of drie jaar vervangen omdat de batterijduur flink daalt, stelt de nieuwe wet consumenten in staat om goedkoop een nieuwe batterij te plaatsen. Nu betaal je daar vaak meer dan honderd euro voor, een drempel die voor veel mensen de doorslag geeft richting een nieuw toestel.
De wet pakt ook transparantie aan. Naast de fysieke vervangbaarheid introduceert de EU een verplichte QR-code op de batterij. Vanaf 2027 kun je deze scannen voor direct inzicht in de chemische samenstelling, de staat van de batterij en de verwachte levensduur. Dit maakt de tweedehandsmarkt voor smartphones een stuk betrouwbaarder. Wie nu een refurbished telefoon koopt, moet blind vertrouwen op de verkoper. Straks kun je gewoon scannen.
De kern van de nieuwe regelgeving is duidelijk: iemand zonder technische kennis moet de batterij van zijn of haar smartphone zelf kunnen vervangen. fabrikanten moeten instructies meeleveren over hoe je de vervanging veilig uitvoert. Fabrikanten mogen dit proces ook niet onnodig moeilijk maken, bijvoorbeeld door softwarebeperkingen of het gebruik van sterke lijm.
De kleine lettertjes: uitzonderingen die tellen
Hier wordt het genuanceerder, want de wet kent mazen die grote spelers in hun voordeel kunnen uitleggen. De wet stelt dat batterijen niet noodzakelijk eenvoudig verwijderbaar hoeven te zijn, zolang ze ‘voldoende goed’ functioneren. In de praktijk betekent dit dat een batterij die 80% van zijn capaciteit behoudt na 1.000 oplaadcycli als voldoende goed wordt beschouwd en dat het verplicht eenvoudig verwisselen niet vereist is.
Het lijkt erop dat bepaalde fabrikanten zich helemaal geen zorgen hoeven te maken: batterijen die na 1.000 laadcycli nog 80% van hun capaciteit behouden, vallen niet onder de nieuwe regelgeving. Alle iPhones vanaf de iPhone 15 voldoen hieraan en vallen daarom buiten deze regelgeving. Critici vinden dit een gemiste kans. Right to Repair Europe stelt dat een enorme kans werd gemist om álle smartphone- en tabletbatterijen vervangbaar te maken voor eindgebruikers.
Waterdichtheid is een ander pijnpunt. Een veelgehoord tegenargument van fabrikanten is dat een vervangbare batterij de water- en stofbestendigheid in gevaar brengt. Hoewel de EU uitzonderingen maakt voor apparaten die specifiek voor natte omgevingen zijn ontworpen, vallen standaard smartphones hier niet onder. Fabrikanten zullen dus innovatieve afdichtingen moeten ontwikkelen die zowel waterdicht zijn als eenvoudig te openen. Denk aan rubberen afdichtingen rondom een klikpaneel, vergelijkbaar met hoe outdoor-telefoons dat al jaren oplossen.
Dunner was hip, dikker wordt normaal
De afgelopen jaren was het een trend om smartphones steeds dunner te maken. Fabrikanten kunnen toestellen zo dun maken door de vastgelijmde batterij. Een systeem waarbij de accu uit de smartphone kan worden geklikt, neemt iets meer ruimte in beslag. Verwacht smartphones tussen 7,5 en 9 mm dik, in plaats van de huidige 6,5 tot 7,5 mm. Geen terugkeer naar de jaren 2010, maar een lichte verdikking om mechanische verwijderingsmechanismen mogelijk te maken.
Of dat erg is? waarschijnlijk minder dan fabrikanten ons willen laten geloven. Het is heel goed mogelijk om smartphones waterdicht te maken, ondanks een verwisselbare batterij. Het principe lijkt op dat van robuuste outdoor-telefoons: een rubberen afdichting rondom het batterijdeksel, vastgezet met schroeven of een stevig kliksysteem, zorgt ervoor dat de behuizing gesloten blijft.
Het interessantste is misschien nog de bredere impact van deze Europese wet. Hoewel de verordening alleen binnen de EU geldt, blijft de impact waarschijnlijk niet tot deze regio beperkt. Fabrikanten vermijden doorgaans aparte hardware-ontwerpen voor verschillende markten vanwege kosten en complexiteit. Als gevolg daarvan worden apparaten die voldoen aan EU-vereisten vaak wereldwijd uitgerold, zoals eerder bij de USB-C-oplaadpoort het geval was.
De vraag die overblijft, is hoe streng de EU-toezichthouders de wet zullen handhaven. De EU-verordening is duidelijk gericht op het geven van directe controle aan eindgebruikers over batterijvervanging, maar de nalevingsmechanismen laten ruimte voor fabrikanten om technische oplossingen te implementeren die voldoen aan de regelgevingstaal, terwijl bestaande bedrijfsmodellen behouden blijven. De uitkomst hangt er waarschijnlijk van af hoe agressief EU-markttoezichthouders het onderscheid tussen ‘eindgebruiker’ en ‘bevoegde leverancier’ interpreteren. : de wet is er, maar de strijd om de uitvoering ervan is nog lang niet gestreden.
Sources : appletips.nl | mariatoledo.es