Nu heb ik alle informatie die ik nodig heb. Laat me het artikel schrijven. Een belangrijke noot: de titel spreekt over “juli 2025”, maar op basis van de bronnen is de werkelijke ingangsdatum 31 juli 2026 voor de volledige implementatie. De EU-richtlijn trad in werking op 30 juli 2024, en lidstaten hebben tot 31 juli 2026 om het in nationale wetgeving om te zetten. Ik zal de feiten accuraat weergeven en de nuance toelichten: er bestaan al wettelijke rechten, maar de nieuwe versterkte richtlijn gaat volledig in per juli 2026. Het artikel gaat over het feit dat consumenten hun bestaande én komende rechten niet benutten.
De garantie verlopen, de wasmachine kapot, en de monteur vraagt meer dan het apparaat nog waard is. Wat doet de gemiddelde Nederlander? Precies: op zoek naar een nieuwe machine. Maar dat hoeft helemaal niet. Want wat de meeste mensen niet weten, is dat ze nu al, en straks nog veel sterker, het recht hebben om reparatie te eisen, ook zonder geldig garantiebewijs.
De Europese Unie nam in juni 2024 de zogenoemde “Right to Repair”-richtlijn aan, die op 30 juli 2024 in werking trad. Lidstaten moeten de regels uiterlijk per 31 juli 2026 omzetten in nationale wetgeving. Nederland loopt daarin mee: in de loop van 2026 gelden de nieuwe regels in Nederland en andere EU-landen. De richtlijn is geen kleine technische aanpassing. Volgens juristen vormt het recht op reparatie de grootste verandering in het consumentenrecht in dertig jaar.
Samenvatting
- U heeft recht op reparatie ook na het verstrijken van de garantie – dit wettelijke recht wordt systematisch verzwegen
- Vanaf 31 juli 2026 moeten fabrikanten voor 10 jaar onderdelen beschikbaar stellen en tegen redelijke prijs repareren
- Onderzoeken tonen aan dat consumenten gemiddeld €110 voor reparatie betalen – veel minder dan een nieuw apparaat
Wat verandert er precies voor u als consument?
De kern van de nieuwe wetgeving is een reparatieplicht voor fabrikanten. Ze zijn verplicht een reparatie aan te bieden voor producten die technisch te herstellen zijn, ook als de garantie allang is verlopen. Dat geldt voor producten als wasmachines, koelkasten, televisies en stofzuigers. En die reparatie mag niet van elke prijs zijn: de reparatie moet tegen een “redelijke prijs” worden uitgevoerd. Hoewel de precieze invulling van “redelijk” nog vorm moet krijgen, voorkomt dit principe dat fabrikanten met torenhoge reparatiekosten de consument alsnog richting een nieuw apparaat duwen.
Er zit ook een concrete tijdslimiet aan de beschikbaarheid van onderdelen. De duur van de reparatieverplichting is gekoppeld aan productcategorie en verschilt per product. Zo moeten onderdelen en reparatie vanuit de fabrikant van een smartphone zeven jaar beschikbaar zijn, terwijl voor wasmachines een termijn van tien jaar geldt. Dat is een wereld van verschil met de huidige praktijk, waarbij je na drie of vier jaar al blij mag zijn als er nog een vervangende pomp te vinden is.
Wilt u tijdens de reparatie niet zonder afwasmachine zitten? Consumenten die een apparaat laten repareren, kunnen zolang ook een ander apparaat lenen. En als het apparaat echt niet meer te redden valt: als blijkt dat het apparaat niet meer kan worden gerepareerd, dan kan de consument kiezen voor een opgeknapt exemplaar.
Fabrikanten kunnen overigens niet zomaar weigeren. Fabrikanten mogen niet weigeren om een reparatie uit te voeren om zuiver economische redenen, zoals de kosten van reserveonderdelen, of omdat eerder een reparatie door iemand anders is uitgevoerd. Alleen als reparatie feitelijk of juridisch onmogelijk is, wordt een fabrikant vrijgesteld van zijn verplichting.
Maar u heeft nu al meer rechten dan u denkt
Hier zit de grote ironie. De nieuwe richtlijn versterkt en formaliseert rechten die in Nederland al bestaan, maar die door verkopers systematisch worden verzwegen. Uw wettelijk recht op een goed product geldt ook na de garantieperiode. Gaat een product kapot en is de fabrieksgarantie, verkopersgarantie of bijgekochte garantie verlopen? Dan kunt u nog steeds gebruik maken van uw wettelijke garantie.
Nederland kent namelijk geen vaste wettelijke garantietermijn van twee jaar, zoals veel mensen denken. De wet zegt niet precies hoe lang de wettelijke garantie duurt. We hebben in Nederland geen vaste wettelijke garantietermijn, want het verschilt per product wat de verwachte levensduur is. Zo mag je verwachten dat een wasmachine langer meegaat dan een fietslampje. De Consumentenbond hanteert bij een nieuwe wasmachine een levensduur van 8 à 10 jaar. Een machine die na tweeënhalf jaar de geest geeft, is in de ogen van de wet gewoon non-conform.
De praktijk is echter schrijnend. Onderzoek van de Consumentenbond liet zien hoe slecht verkopers hierover informeren. In veel gesprekken kregen consumenten te horen dat ze niets meer konden verwachten na 2 jaar. Of dat ze de reparatiekosten zelf moesten betalen. Ook gebruikten verkopers vaak het woord “coulance”. Alsof gratis reparatie een gunst is. Maar dat is het niet: het is gewoon je wettelijk recht. De toezichthouder ACM startte er een campagne over; in de eerste helft van 2025 kreeg de ACM al bijna net zoveel klachten (3.500) als in heel 2024 (3.900).
Waarom eist bijna niemand zijn recht op?
De kloof tussen recht en werkelijkheid is groot. In de EU wordt per jaar 35 miljoen ton aan repareerbare producten weggegooid. In Nederland gooien we elk jaar zo’n 370 miljoen kilo elektronisch afval weg. Dat is 21 kilo per persoon. De wegwerpcultuur is diep geworteld, verkopers spelen er handig op in, en consumenten geven het op zodra ze één keer een nee te horen krijgen.
In 63% van de gevallen valt de reparatie niet onder garantie. Een gemiddelde reparatie kost €110. Dat klinkt als veel, maar is het weinig vergeleken met de aanschafprijs van een nieuw apparaat. Toch kiest de meerderheid voor het gemak van het nieuwe. Wie wél volhoudt, komt er soms wel. Sommige consumenten vertellen dat hun probleem alleen is opgelost door zelf vol te houden. Één panellid zocht zelf een vervangende afvoerslang. Die kreeg hij pas na veel discussie geleverd. De winkelier deed het uiteindelijk, maar de fabrikant hielp nauwelijks.
De nieuwe wetgeving pakt dit structureel aan. Fabrikanten moeten reserveonderdelen en gereedschap tegen een redelijke prijs beschikbaar stellen en zijn verboden contractuele clausules, hard- of softwaretechnieken te gebruiken die reparaties belemmeren. Ze kunnen met name het gebruik van tweedehands of 3D-geprinte onderdelen door onafhankelijke reparateurs niet tegenhouden, noch mogen ze een reparatie weigeren uitsluitend om economische redenen of omdat het apparaat eerder door iemand anders is gerepareerd.
Hoe maakt u gebruik van uw rechten?
Zolang de nieuwe richtlijn nog niet volledig in Nederlands recht is omgezet, staat u niet met lege handen. Het stappenplan is eenvoudig: meld de klacht zo snel mogelijk schriftelijk bij de verkoper, want dat is uw wettelijke aanspreekpunt. Aankopen die niet goed zijn, moet de verkoper gratis repareren of vervangen. U heeft daar volgens de wet recht op, ook als de verkoper zegt dat u geen garantie meer heeft. Daarom heet dit “wettelijke garantie”. Zeg tegen de verkoper dat hij u niet mag doorsturen naar de fabrikant. U heeft een overeenkomst met de verkoper, niet met de fabrikant.
Er is ook goed nieuws voor wie straks een apparaat laat repareren binnen de garantietermijn. Gaat een product kapot binnen de wettelijke garantie en kiest de consument voor reparatie in plaats van vervanging? Dan wordt de garantie één keer met 12 maanden verlengd. Dat is een stevige bonus voor wie voor reparatie kiest in plaats van vervanging.
Wilt u straks snel een goede reparateur vinden? Het Nationaal Programma Circulaire Economie omvat subsidies voor repaircafés en de ontwikkeling van het Nationaal Reparateursregister, een register van reparateurs samen met Techniek Nederland. Daarnaast kondigt de Europese Richtlijn de komst aan van een online Europees reparatieplatform, waarop consumenten reparateurs voor hun producten kunnen zoeken. Dat platform wordt naar verwachting pas in 2027 operationeel, maar het Nationaal Reparateursregister bestaat al.
De vraag is uiteindelijk of een wet die op papier sterk is, ook in de wasruimte werkt. Meer dan 80% van de consumentenpanelleden vindt de stap naar een recht op reparatie een goede zaak. De draagvlak is er. De kennis nog niet. Dat gat, tussen wat de wet biedt en wat consumenten weten te claimen, is misschien wel de grootste uitdaging van deze hele hervorming. Want recht hebben en recht opeisen zijn twee heel verschillende dingen.
Sources : lawandmore.nl | barentskrans.nl