China’s magnetenmacht: hoe Peking Europa’s groene droom aan banden legt

Stel je voor: een windmolen zonder magneet. Of een elektrische auto waarvan de motor weigert. Bijna alle moderne technologie die Europa bouwt voor de groene transitie, van windturbines tot EV’s en radarsystemen, draait op zogenoemde permanente magneten. En die magneten komen voor bijna alles uit één land. Wat Peking in 2025 besliste, heeft dat comfortabele model voor goed opgeblazen.

Samenvatting

  • 98 procent van Europese permanente magneten komt uit China — een afhankelijkheid die jarenlang werd genegeerd
  • Nieuwe Chinese exportrestricties sinds april 2025 veroorzaakten 75 procent terugval in magnetenexport en leidden tot fabrieksuitval in Europa
  • Europese tegenmaatregelen beginnen nu, maar heropbouw van onafhankelijkheid duurt jaren terwijl China zijn greep alleen maar versterkt

Een monopolie dat Europa jarenlang negeerde

China verkocht zeldzame aardmetalen decennialang onder de kostprijs om concurrenten uit de markt te drukken, en bouwde intussen enorme staatsgefinancierde industriecapaciteit op. Het resultaat: de EU is voor 98 procent van haar magneten afhankelijk van China. Dat cijfer staat even stil te laten bezinken. Niet vijftig procent, niet zeventig, maar nagenoeg de volledige Europese aanvoer van permanente magneten komt uit China.

China’s dominante positie in de aardmetalenmarkt is het resultaat van decennialang strategisch beleid. Al in 1992 sprak toenmalig Chinees leider Deng de woorden: “het Midden-Oosten heeft olie, China heeft kritieke aardmetalen.” Daar voegde hij aan toe dat China de verhandeling van kritieke aardmetalen volledig, voor eigen land, moest benutten. Terwijl Europa intussen rekende op goedkope import zonder te vragen wat daar op de langere termijn tegenover stond.

Twee decennia geleden was China verantwoordelijk voor circa vijftig procent van de productie van gesinterde permanente magneten. Dat aandeel is intussen gestegen tot 94 procent, waardoor China de enige grote leverancier ter wereld is van dit component dat onmisbaar is voor de krachtigste motoren die in geavanceerde toepassingen worden gebruikt. Dat is geen marktaandeel meer. Dat is een sleutel die één partij in handen heeft.

Wat China in 2025 besliste

Sinds 4 april 2025 zijn in China nieuwe exportrestricties van kracht op zeldzame aardmetalen die nodig zijn voor de productie van magneten. Deze maatregel heeft directe impact op de wereldwijde toeleveringsketens van neodymium-ijzer-boor (NdFeB) en samarium-cobalt (SmCo) magneten, en leidt tot langere levertijden en stijgende kosten.

De Chinese exportvergunningsplicht geldt voor 7 van de 17 zeldzame aardmetalen: samarium, gadolinium, terbium, dysprosium, lutetium, scandium en yttrium. Containers die klaarlagen mochten de havens niet verlaten. Bedrijven die wilden exporteren, moesten eerst een speciale licentie aanvragen bij de overheid, maar de regering was nog maar net gestart met het opzetten van dat systeem. Het was dus onduidelijk hoe lang het zou duren voor bedrijven hun licenties kregen: mogelijk lag de export weken of zelfs maanden stil.

Het bleef daar niet bij. Op 9 oktober 2025 volgde een tweede golf van restricties, die vijf extra zeldzame aardmetalen, gerelateerde producten, apparatuur en technologieën toevoegde. China verbreedde de reikwijdte naar technologische kennis, en zelfs naar buitenlands gemaakte producten die Chinese grondstoffen bevatten. : Beijing claimt zeggenschap over producten die buiten China zijn gemaakt, zolang er ergens in de keten een Chinees zeldzaam aardmetaal in zit. Buitenlandse bedrijven hebben goedkeuring nodig om magneten te exporteren die zelfs sporenconcentraties (0,1 procent) van Chinese zeldzame aardmetalen bevatten. Voor het eerst heeft de Chinese wet daarmee een extraterritoriale reikwijdte, met verstrekkende gevolgen voor kritieke toeleveringsketens.

De schade voor Europa: concreet en direct

In het tweede kwartaal van 2025 daalde de export van zeldzame aardmagneten met 75 procent, terwijl de auto-industrie deze nodig heeft voor zowel elektrische als benzineauto’s, en de defensie-industrie voor tanks, raketten, radarsystemen en drones. Dat is geen abstracte statistiek. In juni sloeg de Europese auto-industrie alarm, omdat critically lage voorraden ertoe leidden dat verschillende productielijnen en fabrieken in Europa stil kwamen te liggen.

De prijzen reageerden navenant. Zelfs nadat de handelsvolumes zich hadden hersteld, bleven de prijzen voor zeldzame aardmetalen in importerende landen hoog: Europese prijzen bereikten tot zes keer de Chinese prijs, wat de kostenconcurrentie van producten gemaakt buiten China schaadde.

En dan is er nog iets wat weinig aandacht kreeg: wanneer een Nederlands bedrijf handelt met een Duits bedrijf in een product dat slechts één procent zeldzame aardmetalen bevat, moet China die transactie goedkeuren. Dat is de strekking van de nieuwe regels. import uit China is geraakt. Ook gewone Europese handel onderling.

“Er is chaos in magnetenland,” zei Benjamin Sprecher, industrieel ecoloog aan de TU Delft. “Magneten die er niet onder vallen maar wel hetzelfde uitzien moeten ook gecontroleerd worden.” Voor Europese fabrikanten betekent dit: vertraging op vertraging, ook als je dacht dat jouw product veilig was.

Europa schakelt, maar het is een lange weg

De Europese reactie was verdeeld: diplomatiek ongemak enerzijds, en trage maar reële beleidsinspanning anderzijds. De Europese Commissie investeert 3 miljard euro om minder afhankelijk te worden. Centraal staat de oprichting van een Europees Centrum voor Kritieke Grondstoffen, dat marktinformatie moet bundelen, risico’s beheersen en de gezamenlijke aankoop van grondstoffen coördineren.

De Critical Raw Materials Act, die sinds mei 2024 van kracht is, moet Europa helpen minder afhankelijk te worden van het buitenland voor haar grondstoffen. Tegen 2030 moet 10 procent van het jaarlijkse verbruik uit Europese mijnen komen, en een kwart uit recycling. Recyclage alleen al zou tot 20 procent van de Europese vraag naar permanente magneten kunnen dekken.

Er zijn ook voorzichtige tekenen van vooruitgang. In september 2025 opende de eerste Europese magneetfabriek officieel haar deuren in Estland, met een jaarlijkse productiecapaciteit voor een miljoen elektrische auto’s. In 2026 zal een tweede grote fabriek in het zuidwesten van Frankrijk operationeel worden. Kleine stappen, gemeten aan de omvang van de afhankelijkheid. Maar toch stappen.

De structurele kwetsbaarheid verdwijnt niet van de ene dag op de andere. Of het Europa lukt om deze industrie terug te halen valt te bezien. President Xi benadrukt regelmatig het economische en geopolitieke wapen dat zijn land in handen heeft met de dominante positie in de aardmetalenhandel, en die positie zal hij niet zomaar weggeven. China heeft zijn greep decennialang opgebouwd; Europa kan die niet in een paar jaar doorbreken.

De vraag is niet langer óf Europa zijn afhankelijkheid van Chinese magneten moet aanpakken. Dat is inmiddels pijnlijk duidelijk. De echte vraag is of Europese beleidsmakers en industrieën bereid zijn de prijs te betalen voor echte onafhankelijkheid, ook als dat duurder en langzamer is dan magneten blijven bestellen uit Shenzen.