Je loopt op een terrasje in München, de obers bedienen, de pretzels zijn vers, en je besluit vlug de straat over te steken. Geen auto te bekennen, het verkeerslicht staat op rood voor voetgangers, maar je gaat gewoon. Net zoals je thuis in Amsterdam zou doen. En dan fluit er een agent.
In Nederland is dat immers volkomen normaal. In Nederland is de oude regel dat voetgangers binnen dertig meter van een zebrapad verplicht moesten oversteken, allang opgeheven. In tegenstelling tot Duitsland en België, staat er in de Nederlandse wet niets meer geschreven over de verplichting om een zebrapad te gebruiken. Het maakt voor Nederlandse voetgangers niet uit waar ze oversteken, zelfs niet als ze een meter naast het zebrapad lopen of door rood gaan. Dit betekent dat in Nederland geen boete kan worden opgelegd voor het oversteken buiten een zebrapad, ook niet in situaties waarin het verkeerslicht op rood staat. De straat oversteek je gewoon wanneer het veilig voelt. Punt.
In Duitsland ligt dat heel anders.
Samenvatting
- Nederlandse voetgangers mogen overal oversteken, maar deze vrijheid bestaat niet in buurlanden
- In Duitsland en België wachten verborgen boetes op wie de verkeersregels negeert
- Europese verkeersregels verschillen meer dan je denkt — met gevolgen voor je portemonnee
De “Ampelmännchen”-cultuur: Duitsland en zijn voetgangersregels
Jaywalking is een term voor voetgangers die een weg bewandelen of oversteken waar verkeer is, behalve bij een geschikte oversteekplaats, of anderszins in strijd met de verkeersregels. In Duitsland is dat geen grappige Engelstalige term, maar bittere realiteit voor wie de regels negeert. Typische boetes voor het niet gebruiken van bestaande zebrapaden of verkeerslichten in Duitsland liggen tussen de vijf en tien euro. Dat klinkt goedkoop, maar het principe erachter is strak: je steekt over waar en wanneer de wet het toestaat, niet wanneer jij het handig vindt.
In Duitsland riskeer je als je binnen vijf meter van een verkeerslicht buiten het zebrapad oversteekt een boete die kan oplopen tot tien euro bij gevaarlijke situaties. In tegenstelling tot Duitsland en België, waar respectievelijk een afstand van vijf en dertig meter geldt voor het verplicht gebruik van een zebrapad, staat er in de Nederlandse wet niets meer over. Concreet: sta je naast een rood voetgangerslicht in Berlijn, dan ben je verplicht te wachten, ook als er geen auto’s rijden en de buurvrouw van de overkant je vriendelijk nawaait.
Voetgangers zijn in Duitsland bovendien verplicht om buiten de bebouwde kom aan de linkerkant van de weg te lopen als een voetpad ontbreekt. Binnen de bebouwde kom mogen ze ook rechts van de weg lopen als een voetpad ontbreekt. Zelfs hoe je langs een weg wandelt, is wettelijk geregeld.
België ook: het zebrapad als verplichting
Duitsland is niet het enige buurland dat strenger is dan Nederland op dit punt. In België geldt een vergelijkbare logica. Bevind je je als voetganger binnen de twintig meter van een oversteekplaats, dan ben je verplicht die te gebruiken. Bij een oversteekplaats met verkeerslichten mag je uiteraard alleen oversteken als het voetgangerslicht op groen staat. Als er geen oversteekplaats in de buurt is, mogen voetgangers de rijbaan wel oversteken, maar hebben ze daarbij geen voorrang.
Voor Nederlanders die in Brussel of Antwerpen op citytrip gaan, is dat een aanpassing. Thuis maak je zelf de inschatting wanneer het veilig is. Daar volg je de regels van de infrastructuur. Jaywalking-wetten verschillen sterk per rechtsgebied. In veel landen, zoals het Verenigd Koninkrijk, wordt het woord over het algemeen niet gebruikt en zijn er geen wetten die het gebruik van openbare wegen voor voetgangers beperken. Dit heeft voor verwarring gezorgd onder toeristen en andere mensen die landen met dergelijke wetten bezoeken. Die verwarring is herkenbaar: wat logisch voelt voor een Nederlander, kan elders een boete opleveren.
Een bredere kloof dan je denkt
Het oversteken van de straat is slechts het meest zichtbare voorbeeld van een dieper verschil in de verkeersfilosofie tussen landen. Op het gebied van verkeersregels en -veiligheid is er geen wetgeving voor de hele EU. Veel verkeersregels zijn vergelijkbaar, maar de hoogte van de boetes en de strengheid van de handhaving verschillen flink per land.
Wie met de auto op reis gaat, merkt dat ook meteen. In Frankrijk mag je niet met een koptelefoon op aan het verkeer deelnemen, dus ook niet op de fiets. Dat kost je 135 euro. Autorijden met slippers is er verboden, met een boete van 90 euro. In Duitsland geldt dan weer: je moet altijd de overtocht van voetgangers bij een zebrapad respecteren. Zelfs de suggestie om door te rijden zonder een voetganger volledig te laten oversteken kan je een boete opleveren. En wie denkt dat een boete uit Duitsland gewoon blijft liggen, heeft het mis. In Europa kunnen politie en justitie voor bepaalde verkeersovertredingen kentekengegevens uitwisselen. Zo kan de Franse politie aan de hand van het kenteken jouw naam en adres via de RDW achterhalen.
In Duitsland werkt dat strafpuntensysteem nog complexer dan in Nederland. Duitsland kent een strafpuntensysteem dat ook geldt voor buitenlanders. Alleen voor verkeersovertredingen met een boete vanaf 60 euro of verkeersmisdrijven worden een tot drie strafpunten toegekend. Die punten tellen op, ook voor Nederlanders die er regelmatig doorheen rijden.
Wat dit voor jou betekent als reiziger
De Nederlandse manier van oversteken, die door het ontbreken van wetgeving volledig legaal is thuis, wordt in Duitsland en België dus beschouwd als een potentiële overtreding. Niet omdat Nederlanders roekeloos zijn, maar omdat de wettelijke kaders fundamenteel van elkaar verschillen. In Nederland bestaat er geen concept van jaywalking, dus het is niet strafbaar. In Duitsland bestaat dat concept wel, en de lokale politie hanteert het.
Praktisch gezien is de boete in Duitsland voor dit soort overtreding beperkt, maar het principe telt. Wie op vakantie of zakenreis gaat in Europa, doet er goed aan om niet te veronderstellen dat wat thuis normaal is, elders ook normaal is. In heel Europa gelden tal van verkeersregels die ervoor moeten zorgen dat het verkeer soepel verloopt. Maar sommige regels zijn echt buitenissig te noemen. Je vraagt je af hoe deze ooit zijn bedacht, laat staan ingevoerd.
De vraag is of Nederland hierin een voorbeeld is voor de rest van Europa, of juist een uitzondering die toeristen in de problemen brengt zodra ze de grens over gaan. De vrijheid om zelf te bepalen waar je oversteekt heeft iets aantrekkelijks, maar vraagt ook om bewustzijn: wat voor de ene Nederlander een reflex is, kan voor een Duitser een overtreding zijn.