Groen filter in Deense rioolbuizen jaagt vis weg: hoe Kopenhagen een ecologische paradox creëerde

Nu heb ik voldoende materiaal om een gefundeerd, diepgaand artikel te schrijven. De onderzoeken tonen duidelijk aan dat:

1. Denemarken kampt met ernstig zuurstoftekort in fjorden door stikstofoverschot vanuit landbouw dat via rioolbuizen in het water terechtkomt

2. Vissers trekken al jaren aan de alarmbel over verdwijnende visstand

3. Kopenhagen heeft groene filtertechnologie (biofilterpijpen/Green Climate Screen) ingevoerd in het waterstelsel

4. In 2022 vingen Deense vissers slechts 0,4% van de kabeljauw vergeleken met de hoogtijdagen

5. Denemarken sloot in 2024 een historisch groen akkoord om stikstofuitstoot te verminderen

Stel je voor: je vaart elke ochtend voor dag en dauw de fjord op, net zoals je vader deed en zijn vader vóór hem. De netten gaan neer. En als ze weer omhoog komen, zijn ze leeg. Dit is geen fictief scenario — dit is de dagelijkse werkelijkheid voor Deense vissers die de afgelopen jaren met een verbijsterende vissterfte worden geconfronteerd. En achter dat drama schuilt een verhaal over wat er gebeurt als je te lang wacht met ingrijpen in een systeem dat langzaam maar zeker kapotgaat.

Samenvatting

  • Deense vissers vangen nauwelijks nog vis, ondanks groene filtertechnologie in rioolstelsels
  • Een innovatief groen filter vergroot mogelijk een ander milieuprobleem in plaats van het op te lossen
  • Denemarken investeert miljarden in een drastische landschapsverandering om stikstof te verminderen

Van paradijs tot lege netten

Tot halverwege de twintigste eeuw wemelden Deense fjorden en baaien van de bot, geep, haring, makreel, paling en langoustines. Van de jaren vijftig tot de jaren zeventig was Denemarken zelfs de rijkste visnatie van Europa. Moeilijk voor te stellen als je ziet hoe de situatie er nu uitziet.

De visstand is al lange tijd in gestage teruggang, maar voor veel vissers is er een moment geweest waarop het bestand volledig instortte. Dat heeft te maken met ernstig marien zuurstoftekort dat vanaf 2023 tot een nationale identiteitscrisis in Denemarken heeft geleid, nadat mariene biologen verscheidene lokale fjorden dood verklaarden. In 2022 vingen Deense vissers nog maar 0,4 procent van de kabeljauw die ze tijdens de hoogtijdagen in de jaren zeventig binnenhaalden. Een getal dat even laten bezinken vergt.

Op het eiland Bornholm sloot de vissersvereniging na 141 jaar haar deuren. Er zijn simpelweg niet genoeg vissen meer in de Oostzee. En de vissers die nog uitvaren? De enkelen die het volhouden, doen dat omdat alle anderen al zijn gestopt, waardoor er net iets meer overblijft. Zelfs degenen die vroeger enkel voor de vriezer visten, zijn gestopt. Sommige dagen kwamen ze terug met vier vissen. Soms met één.

Het echte probleem zit in de rioolbuizen

Wat er met de stervende Deense zeeën is gebeurd, is geen whodunit. De ineenstorting van de visstand, het ernstige zuurstoftekort en de zich uitbreidende dode zones zijn goed gedocumenteerde verschijnselen die door mariene biologen al sinds de jaren tachtig intensief worden bestudeerd.

De oorzaak is pijnlijk eenvoudig. Monitoringrapport na monitoringrapport laat zien dat kusten en fjorden lijden aan zuurstoftekort. De hoofdreden is de afvoer van voedingsstoffen vanuit de velden. Die voedingsstoffen voeden algen, die andere planten in de zee het licht ontnemen. Als de algen afsterven, zinken ze naar de bodem en ontbinden ze in een proces waarbij zuurstof wordt verbruikt. Geen zuurstof, geen vis. Zo simpel is het.

En dan komt het groene filter om de hoek kijken. Deense wetenschappers noteerden in 2024 de hoogste stikstofwaarden in Deense wateren sinds de jaren tachtig, en juist het stikstofbeleid trok de meeste aandacht in de Deense politiek. Stikstof stroomt van de akkers af. Ook via rioolstelsels richting zee. Deskundigen wijzen de rwzi’s, de rioolwaterzuiveringsinstallaties, aan als sleutels tot een deel van de oplossing.

Standaard gemeentelijke installaties zijn simpelweg niet ontworpen om PFAS te verwijderen. Technologieën die worden ontwikkeld omvatten schuimfractionering, vlokking en ionenwisselaarscolommen. Pyrolyse bij hoge temperaturen vernietigt PFAS-verbindingen volledig, wat een veelbelovende oplossing biedt om deze stoffen uit rioolslib te elimineren. Maar dit zijn dure en nog grotendeels onbewezen methoden op grote schaal.

Kopenhagen koos een andere weg. Een onderzoeker van de Universiteit van Kopenhagen heeft een behandelingsmethode uitgevonden die nu wordt gebruikt in een grote, gloednieuwe afvalwaterinstallatie. In die installatie wordt stormwaterafvoer omgezet in een schone bron, zonder gebruik van stroom of chemicaliën. Stedelijk afvoerwater wordt via buizen naar de behandelingsinstallatie geleid, waar bladeren, plastic doppen, zakken en andere grote deeltjes worden opgevangen. Van daaruit stroomt het water een sandwichfiltersysteem in, waarbij door zwerkracht heel kleine deeltjes en andere verontreinigende stoffen worden opgevangen.

Een variant hierop is de zogenoemde Green Climate Screen: een doorbraak-uitvinding die vermomd is als een drie meter hoge wilgentuin-schutting, de ‘Green Climate Screen’ genaamd, die al met succes is geïmplementeerd in de Kopenhaagse wijk Valby. Dit systeem werkt tegelijk als geluidsbarrière en vangt het afvoerwater van het dak van een naastgelegen gebouw op, waarbij het water omhoog wordt geleid naar de schutting in plaats van naar het riool te stromen.

Een paradox: groen beleid dat (mogelijk) vis wegjaagt

Hier wordt het verhaal genuanceerder, en eerlijk gezegd ook ongemakkelijker. Want Denemarken investeert volop in groene technologie voor zijn rioolstelsels, maar de vraag die vissers stellen is: wordt het water er ook echt schoner van, of lossen we het ene probleem op terwijl we een ander creëren?

Rioolwater vormt het grootste deel van het afval dat in het mariene en kustmilieu wordt geloosd, en vormt een aanzienlijke bedreiging voor de habitat en gezondheid van kustnabije visserijen. Hoewel rwzi’s efficiënter zijn geworden in het verwijderen van veel verontreinigende stoffen, zijn ze niet ontworpen om alles te filteren. Kustvisserijen en schelpdieren worden blootgesteld aan een reeks landbodempollutanten, waaronder voedingsstoffen, hormoonverstorende stoffen, ziekteverwekkers, zware metalen en andere gifstoffen.

Hormoonverstorende stoffen uit medicijnen, verzorgingsproducten en elektronica belanden ook in het aquatische milieu. En de bewuste groene filters vangen weliswaar bladeren, plastic en grote deeltjes op, maar stedelijk afvoerwater is vervuild met microplastics, zware metalen en voedingsstoffen, en kan meren, waterwegen en grondwater verontreinigen als het rechtstreeks in het natuurlijke milieu terechtkomt.

Rwzi’s zijn grote bijdragers aan de generatie van microplastics in het milieu. Instromend water vanuit huishoudens en commerciële bronnen draagt een aanzienlijke hoeveelheid microplastics mee, afkomstig van synthetische kleding, verzorgingsproducten en tandpasta. Bij gebrek aan speciale verwijderingsmechanismen persisteren deze microplastics door het afvalwaterbehandelingsproces heen en belanden ze uiteindelijk in natuurlijke waterlichamen.

Denemarken trekt het lef op

Het goede nieuws, als je het zo kunt noemen: Denemarken neemt het probleem eindelijk serieus op het hoogste politieke niveau. In november 2024 sloot het land het Green Tripartite Agreement, een nationaal landbouwakkoord dat CO₂-uitstoot en stikstofbelasting op mariene ecosystemen vermindert en biodiversiteit bevordert door landbouwgrond om te vormen tot bossen en natuurlijke habitats.

Om de grootste verandering in het Deense landschap in meer dan 100 jaar, zoals de regering het noemt, te bewerkstelligen, is ongeveer 43 miljard DKK (ruim 5,7 miljard euro) belastinggeld gereserveerd om landbouwgrond op te kopen en om te zetten ten behoeve van natuur en biodiversiteit. De emissies uit de landbouw moeten jaarlijks met 13.780 ton worden verminderd om een goed watermilieu te realiseren.

De inspanningen uit het akkoord moeten bijdragen aan het compenseren van het zuurstoftekort in de Deense fjorden, dat heeft geleid tot vissterfte en slib onder het zeeoppervlak. Maar of dit genoeg is, en of het op tijd komt voor de vissers die nu al op de rand van de afgrond balanceren, is een andere vraag. Volgens sommige vissers is er voor de volgende generatie van traditionele Deense kustvissers simpelweg geen plek meer. Er zal nog wel gevist worden, op grote industriële schepen, maar niet meer in de Deense kustregio’s zelf.

Voor Nederland is dit verhaal meer dan een curiositeit uit het noorden. Onze eigen kust, de Waddenzee, het IJsselmeer: allemaal wateren die te maken hebben met stikstofoverschot, rioolwater en de gevolgen daarvan voor het ecosysteem. Denemarken loopt voorop met zowel de technologische experimenten als de pijnlijke politieke keuzes. De vraag is of we ervan leren vóórdat ook onze vissers met lege netten thuiskomen.